Verdi: Aïda

Première: 24 december 1871

Personages:
Koning van Egypte, bas
Amneris, dochter van de koning van Egypte, mezzo-sopraan
Aïda, slavin van de Egyptenaren, dochter van Amonasro, sopraan
Radamès, legeraanvoerder van de Egyptenaren, tenor
Ramfis, hoofd van de priesters, bas
Amonasro, koning van de Ethiopiërs en vader van Aïda, bariton
Een boodschapper, tenor
Priesteres, sopraan

Dit is Verdi’s laatste ‘Grand Opera’, die in Caïro in première is gegaan.
Aïda werkt als slavin aan het Egyptische hof. Radames is een heldhaftige krijger, die door de Egyptische koning tot legeraanvoerder wordt benoemd. Aïda en Radames zijn verliefd op elkaar. Amneris, dochter van de Egyptische koning, koestert eveneens gevoelens voor Radames.
Wanneer de oorlog tussen Egypte en Ethiopië oplaait en Radames met het leger ten strijde trekt, komt Aïda in een tweestrijd terecht.
Na de oorlog keert Radames met het leger en de gevangen genomen Ethiopiërs terug (hier klinkt de bekende Triomfmars). Onder de gevangenen bevindt zich Amonasro, de vader van Aïda. Radames bepleit met succes de vrijlating van alle Ethiopiërs, maar de Egyptische koning houdt Amonasro en Aïda als gijzelaars vast. Hij biedt vervolgens aan Radames de hand van zijn dochter Amneris.
Gedurende de nacht aan de oever van de Nijl weet Aïda op aandringen van haar vader aan Radames de geheime aanvalsplannen te ontfutselen en haalt hem over samen te vluchten.
Amneris ziet dit gebeuren en verraadt Radames, die gevangen wordt genomen. Radames kan dan de doodstraf ontlopen door zijn liefde voor Aïda op te geven. Dit weigert hij en hij wordt ter dood veroordeeld. Aïda sluipt dan vervolgens heimelijk de grafkelder in, waarin Radames levend wordt begraven. Samen nemen zij afscheid van het leven…

Deze opera pleegt nog wel eens te worden opgevoerd als een groot massaspektakel (met de triomfmars als hoogtepunt). De kern van het verhaal draait echter om zeer intieme situaties tussen ofwel vader/dochter/geliefde ofwel veldheer/slavin/jaloerse koningsdochter. Die intimiteit wordt nog sterker als die wordt afgezet tegen de massascenes, die alleen maar benadrukken in welke enorme tweestrijd Aïda en Radames zich steeds bevinden.